Een gezinsadvocaat
Al jaren bestaat de maatschappelijke behoefte om het aantal vechtscheidingen terug te dringen. Een kerngroep van professionals geeft hier gehoor aan en heeft een “nieuwe echtscheidingsexpert” in het leven geroepen; “de gezinsadvocaat”. Het idee van gezinsadvocaat sluit aan bij een internationale trend om echtscheidingen op een alternatieve manier te benaderen. De kerngroep is nog druk bezig met de uitwerking van de rol van de gezinsadvocaat. Graag vertel ik u alvast wat de grote lijnen zijn. De gezinsadvocaat zou rekening moeten houden met het welzijn, de belangen en de wensen van de kinderen en beide ouders. De stem van het kind krijgt door de gezinsadvocaat een vaste plek in het scheidingsproces. De gezinsadvocaat neemt de regie in een scheiding en opereert als het ware als casemanager die de scheidende ouders begeleidt.
De gezinsadvocaat zou kunnen fungeren als mediator bij de juridische afwikkeling van de scheiding of verwijst hiervoor door naar een mediator. Op dit moment komt immers de meerderheid van scheidingen tot stand door middel van mediation.
De gezinsadvocaat werkt verder nauw samen met hulpverleners. Juist omdat de advocaat aan het begin van het scheidingsproces is betrokken dient hij/zij op te treden als verbinder tussen andere professionals. Nu zie je vaak dat de hulpverleners los van elkaar werken. De gezinsadvocaat dient het totaaloverzicht te behouden. Door als professionals samen te werken maak je en veilig vangnet voor de ouders en kinderen.
Bij een blijvend conflict zou de gezinsadvocaat dit conflict kunnen voorleggen aan een rechter die dan de knoop doorhakt. Bij juridisch complexe conflicten zou de gezinsadvocaat twee advocaten kunnen betrekken in de zaak. De gezinsadvocaat blijft erop toe zien dat in deze situatie partijen elkaar niet gaan bevechten maar een constructieve houding hebben. Ook kan er een bijzondere curator voor de minderjarige worden genoemd.
Kenmerkend en opvallend is dat de gezinsadvocaat niet gaat voor het belang van 1 cliënt maar meervoudig partijdig is en oplossingsgericht te werk gaat in plaats van te strijden.
Echter in de gedragsregels van de advocatuur is vermeld dat advocaten niet de belangen van twee om meerdere partijen mogen behartigen in geval er sprake is van tegenstrijdige belangen. Deze gedragsregels zouden dan genuanceerd dienen te worden voor de gezinsadvocaat. Maar ook de huidige familierechtadvocaat kan geen ouderwetse partijdige advocaat meer zijn. Als familierecht advocaat kan je niet over de hoofden van de kinderen een gevecht tussen ouders in stand laten. Je dient ook oog te hebben voor de andere partij. Je kunt partijdig zijn zonder tegen iemand te zijn. Het gaat om het belang van het gezin. Wellicht dat de gezinsadvocaat wat kan betekenen voor de vechtende ex-echtgenoten en de kinderen.
Trouwen na 1 januari 2018
In het nieuws op televisie is het ook al voorbij gekomen: er verandert iets als je trouwt na 1 januari 2018. Je trouwt niet meer automatisch in een algehele gemeenschap van goederen waarbij alles gedeeld dient te worden bij een echtscheiding. Er zal per 1 januari 2018 een “beperkte gemeenschap” gelden. Maar wat verandert er nu precies?
In maart 2017 is met een stem verschil het wetsvoorstel “beperking wettelijke gemeenschap van goederen” met een meerderheid in de eerste Kamer aangenomen. Vanaf 1900 zijn er verschillende initiatieven geweest om de reikwijdte van de gemeenschap van goederen in te perken. Die pogingen strandden keer op keer.
De oude wet die dateert uit 1838 wordt hiermee vervangen. Per 1 januari 2018 is de wet beperking wettelijke gemeenschap van goederen van kracht.
Bijna 180 jaar lang was het zo dat als je trouwde alle schulden en bezittingen bij een scheiding 50/50 worden verdeeld. Schenkingen en erfenissen worden ook verdeeld tenzij er een uitsluitingsclausule was opgenomen.
Met de wetswijziging blijft het privévermogen dat voor het huwelijk is opgebouwd in het bezit van degene die dit bezit heeft opgebouwd en valt niet in de gemeenschap. Voorhuwelijkse schulden vallen ook buiten de gemeenschappelijke boedel. Net zoals erfenissen en schenkingen die de partners tijdens het huwelijk krijgen. Alleen vermogen dat partners gezamenlijk hebben opgebouwd, wordt na de echtscheiding gedeeld.
Met deze verandering sluit Nederland aan bij de internationale norm. Alleen Suriname en Zuid-Afrika hanteren nu nog zo’n uitgebreide uitleg van trouwen in gemeenschap van goederen.
Deze wijziging geldt alleen voor huwelijken die na 1 januari 2018 worden gesloten. De huwelijken gesloten voor 1 januari 2018 vallen niet onder deze wet maar nog onder de oude wet. Uiteraard blijft het mogelijk dat echtgenoten samen iets anders vastleggen in huwelijkse voorwaarden.
Er is veel kritiek op de nieuwe wet en er zijn veel vragen over hoe dit in praktijk zal gaan uitpakken bij echtscheidingen. Hoe wordt bijvoorbeeld omgegaan met schulden en bezittingen die voor het huwelijk zijn verworven en tijdens het huwelijk zijn vermengd of afgelost met gemeenschappelijk bezit? Hoe wordt omgegaan met een schenking of erfenis die is aangewend voor een verre reis voor het gezin? Een ding is zeker: de nieuwe wet zal de verdeling bij echtscheiding niet makkelijker maken.
Partnerdoding en contact met kind
Ongeveer in 14 gevallen per jaar is er sprake van partnerdoding waar kinderen bij betrokken zijn. Voor deze gevallen is er een wet van 7 juni 2017 tot wijziging van het burgerlijk wetboek gemaakt. Deze wet zal per 1 januari 2018 in werking treden en gaat over contact dan wel omgang met het kind en de nog overblijvende ouder.
Indien de ene ouder de andere ouder (vermoedelijk) om het leven heeft gebracht zal dit vanaf 1 januari 2018 gemeld moeten worden bij de Raad voor de Kinderbescherming. De Raad voor de kinderbescherming zal vervolgens en onderzoek instellen naar de wenselijkheid van een contact- of omgangsregeling van het kind met de ouder die wordt verdacht van of is veroordeeld voor het doden van de andere ouder. De Raad voor de Kinderbescherming zal op basis van dit onderzoek een verzoek indienen tot vaststelling van een contact- of omgangsregeling bij de rechtbank. De kinderrechter dient in die gevallen altijd te beoordelen of een contact of omgang in het belang is van het kind.
De kinderrechter zal bij deze procedure een bijzondere curator benoemen. De bijzondere curator zal de minderjarige vertegenwoordigen en bijstaan. Mocht de kinderrechter het verzoek tot omgang of contact afwijzen dan geldt dit voor een periode van 2 jaar. Na die 2 jaar kan de ouder dan weer een nieuw verzoek om contact of omgang indienen bij de kinderrechter.
Je kan je afvragen of het nodig is om een wet te maken voor 14 gevallen per jaar. Had het opstellen van beleid/protocol niet voldoende geweest? Verder is de kanttekening dat deze gang van zaken ook geldt voor een ouder die verdacht wordt van partnerdoding. Een veroordeling kan vervolgens jaren op zich laten wachten. Dit kan grote consequenties hebben voor het kind en de verdachte ouder. Ik kan dat ook niet rijmen met het grondbeginsel van het strafrecht “dat je onschuldig bent tot het tegendeel is bewezen”. Wel vind ik de handelswijze die in de wet is beschreven zorgvuldig en in het belang van het kind. Ik ben benieuwd naar de uitspraken van de rechters naar aanleiding van deze wet.
Alimentatie voor kinderen
De ouders zijn wettelijk verplicht om hun kinderen financieel te onderhouden. Volgens de wet zijn ouders verplicht om hun kinderen in elk geval tot 21 jarige leeftijd financieel te supporten. Er zijn een tweetal groepen te onderscheiden namelijk de kinderen tot 18 jaar en van 18 tot 21 jaar. Deze laatste groep zijn de jongmeerderjarige kinderen. Is deze financiële ondersteuning van ouders voor kinderen te wijzigen en kunnen de gedragingen van kinderen van invloed zijn op deze financiële ondersteuning?
Alle kinderen tot 21 jaar hebben behoefte aan een onderhoudsbijdrage. Tot 18 jaar wordt de alimentatie voldaan aan de ouder die de hoofdverzorger is van het kind. Vanaf 18 jaar dient de alimentatie aan het kind zelf te worden overgemaakt en is het kind zelf procespartij indien zich problemen voordoen. Het kind dient te worden ondersteund in levensonderhoud en studie.
De gedragingen van jongmeerderjarige kinderen kunnen leiden tot matiging van de alimentatie. Dit is niet mogelijk bij kinderen tot 18 jaar. Het gedrag als zodanig is niet van belang maar wel of bij zodanig gedrag naar alle redelijkheid gevraagd mag worden dat de ouder het kind nog geheel of gedeeltelijk financieel ondersteunt. Het gedrag moet een zodanig kwetsend karakter hebben voor de ouder.
In een uitspraak van het Hof Arnhem-Leeuwarden van 6 juli 2017 heeft dit gedrag niet geleid tot matiging van de onderhoudsbijdrage aan een jong meerderjarig kind. De jongmeerderjarige weigerde om contact met de ouder te hebben. Ook had de jongmeerderjarige haar achternaam gewijzigd naar die van de moeder. Deze omstandigheden hebben er niet toe geleid dat de alimentatie werd gematigd dan wel werd stopgezet.
Uiteraard zijn er nog andere redenen waarom kinderalimentatie kan worden gewijzigd. De draagkracht van de ouder kan niet meer toereikend zijn door bijvoorbeeld inkomensdaling. Ook kan het mogelijke inkomen van een jongmeerderjarige een factor zijn voor een wijziging van de financiële ondersteuning.
Conclusie is dat ondanks de ouders wettelijk verplicht zijn om hun kinderen tot 21 jaar financieel te ondersteunen er een matiging of stopzetting van deze financiële ondersteuning mogelijk is. Dit kan bij jongmeerderjarige kinderen te maken hebben met een bepaalde gedraging die kwetsend is voor de ouder. De rechtbank zal dit van geval tot geval beoordelen.
Rechter vervangen door robot
De digitalisering en robotisering van onze maatschappij gaat in een rap tempo door. Arbeidsplaatsen van mensen worden vervangen door computers. Deze ontwikkeling gaat zelfs zo ver dat er een experiment is geweest waarin de rechter is vervangen door een robot.
Ondanks dat er wetgeving en beleid is waaraan een rechter een zaak toetst is de uitspraak afhankelijk van de rechter. Als je dezelfde zaak voorlegt aan 10 verschillende rechters zullen er verschillende uitspraken uitkomen. Het werk van een rechter is immers mensenwerk.
Het experiment heeft plaatsgevonden in twee zaken waarbij met behulp van een robot een uitspraak is gedaan en deze uitspraak is vergeleken met de uitspraak van een rechter. Het betrof een arbeidszaak en een verkeerszaak. Bij de verkeerszaak nam de verdachte een rotonde verkeerd om. De robot oordeelde dat de verdachte schuldig was. De rechter ging over tot vrijspraak omdat er geen bord aanwezig was die de juiste rijrichting aangaf. Bij de arbeidszaak ging het om ontslag van een financieel directeur. De robot en de rechter kwamen allebei tot het oordeel dat de financieel directeur onterecht was ontslagen. De rechter kwam echter tot een veel hogere ontslagvergoeding (10x zo hoog!) dan de robot.
Het experiment laat zien dat een rechter in levende lijve noodzakelijk is, een oordeel van een mens van vlees en bloed die de maatschappij centraal stelt en niet alleen de regeltjes. De rechter weegt alle omstandigheden van het geval mee. Ook speelt hierbij het gevoel, de gemoedstoestand en dergelijke mee. Daarnaast zijn juridische zaken soms erg complex zodat een robot op het verkeerde spoor wordt gezet.
De producent achter de robot heeft aangegeven dat zij al verwachtte dat een robot nog niet een rechter kan vervangen. Het is meer bedoeld als hulp voor de rechters bij hun beslissing en als een soort second opinion.
Ondanks dat het soms lastig uitleggen is aan je client dat uitspraken kunnen verschillen en afhankelijk zijn van welke rechter de zaak beoordeeld, is gebleken met dit experiment dat het oordeel van een rechter van vlees en bloed niet vervangen kan worden door een robot. Ik vraag mij af of dit ooit mogelijk zal zijn. Het oude ambacht van een rechter maar ook van een advocaat zal niet kunnen worden vervangen door een robot. Dit is en blijft mensenwerk.
Vechtscheiding
Laatst vroeg een cliënte mij of haar echtscheiding een vechtscheiding is. Ik merkte dat ik het lastig vond om deze vraag te beantwoorden en vroeg aan haar of zij het zelf een vechtscheiding vindt. Hierop antwoordde zij met ja.
Dat een echtscheiding een beëindiging van een burgerlijk huwelijk is weet iedereen. Maar wat is nu een vechtscheiding? Deze term wordt veel gebruikt in de media. Een vechtscheiding wordt ook wel een conflict scheiding of problematische scheiding genoemd. Dit klinkt wat minder heftig maar is hetzelfde. In Nederland wordt een echtscheiding via een rechtbank uitgesproken. Het zijn vooral de gevolgen van de echtscheiding die geregeld moeten worden waarover discussie ontstaat. Dit betreft bijvoorbeeld de zorgregeling van de kinderen, de verdeling van bezittingen en alimentatie. Deze discussie kan zo hoog oplopen dat er sprake is van een vechtscheiding. Er zijn geen regels om te beoordelen wanneer er sprake is van een vechtscheiding of een “normale” echtscheiding. Het is naar mijn mening vooral een gevoelsmatige kwestie.
Uit het woordenboek blijkt dat vechten meerdere betekenissen kan hebben. Het kan naast een vaak negatieve lading ook een positieve lading hebben in de vorm van moeite voor iets doen (vechten voor je rechten/idealen). De manier waarop je vecht is hierbij bepalend.
De uitspraak ´waar er twee vechten hebben er twee schuld´ vind ik zeer toepasselijk bij een (vecht)echtscheiding. Men verliest zich vaak in de emotie en komt dan niet meer toe aan zelfreflectie. Men praat slechts nog door middel van verwijten.
Vooral de kinderen hebben last van dit gevecht. Ouders zijn vaak zo bezig met hun eigen strijd dat zij de belangen van de kinderen uit het oog verliezen. Het gevecht gaat over de kinderen of via de kinderen. Kinderen komen in een loyaliteitsconflict; ze zijn loyaal aan papa en aan mama maar worden gedwongen te kiezen.
Al met al is het goed om een vechtscheiding te voorkomen. Maar hoe doe je dat? Onder andere door het reguleren van emoties en professionele hulp in te schakelen.
Zit je zelf of je naasten in een (vecht)scheiding, of kom je dit vaak tegen in je werk of ben je zomaar geïnteresseerd in dit onderwerp? Meld je dan snel aan voor de lezing “vechtscheiding” welke wordt gegeven door ondergetekende en een relatietherapeut/coach op donderdag 28 september 2017 van 20-22 uur bij de Leiderdorpse volksuniversiteit. Wie weet tot 28 september!
28 september Lezing Vechtscheiding
Lezing Vechtscheiding. Samen met mevrouw Margarita Bernal organiseert en verzorgt mr. Lorien de Roode op 28 september a.s. een lezing over de Vechtscheiding.
Een ieder zal bekend zijn met deze term en in de media wordt dit te pas en te onpas gebruikt. Maar wat is een vechtscheiding en wat maakt dat een scheiding een vechtscheiding wordt? Hoe stap je uit dit gevecht en wat doet het met betrokkenen? Een interessant onderwerp waarover veel te vertellen valt. Vanuit verschillende professionele invalshoeken zullen Margarita Bernal en Lorien de Roode een interactieve lezing verzorgen in een verrassende vorm. Hun ervaring als coach en relatietherapeut resp. familierecht-advocaat staat borg voor een vanuit professionele ervaring deskundige behandeling van het thema, waarbij ook veel aandacht wordt besteed aan de effecten voor bij de scheiding betrokken kinderen.
Prijs € 15,-
Locatie De Sterrentuin, Leiderdorp
Datum 28 september
Tijdstip 20.00 - 22.00 uur
Margarita Bernal is trainer, coach en relatietherapeut. Haar passie is mensen begeleiden naar wie ze ten diepste zijn, zodat ze wat in potentie aanwezig is, naar buiten kunnen brengen. Vanuit haar eigen praktijk voor coaching, counselling en training, Strokes begeleidt ze al 11 jaar mensen bij hun persoonlijke ontwikkeling. Ook begeleidt ze sinds afgelopen februari vanuit haar bedrijf Stiefgoed Leiden samengestelde gezinnen naar harmonie en rust. Meer over haar http://www.stiefgoed.nl/margarita-bernal/.
Kind gebonden budget en partneralimentatie
Op 7 juli heeft de hoge Raad in haar vonnis een oordeel gegeven op de vraag of het Kind gebonden budget (KGB) opgeteld dient te worden bij de behoefte van degene die partneralimentatie ontvangt. Moet het KGB worden beschouwd als inkomen of als inkomensafhankelijke en ondersteunende maatregel die buiten beschouwing blijft bij het berekenen van partneralimentatie.
De Hoge Raad heeft beslist dat het KGB buiten beschouwing moet blijven voor het berekenen van partneralimentatie. Het KGB wordt hiermee gelijkgesteld met huurtoeslag en zorgtoeslag.
Dit is een groot verschil met de berekening van kinderalimentatie waarbij het KGB wel wordt meegenomen in het inkomen.
Lijfsdwang in het familierecht
De man die een achterstand van € 15000,- aan kinderalimentatie open had staan en niet wilde betalen is aangehouden en van zijn vrijheid ontnomen. Vervolgens heeft de man diezelfde dag nog die € 15000,- voldaan en is weer vrijgelaten. Vrijheidsontneming van personen is niet alleen mogelijk in het strafrecht maar ook in het familierecht. Deze vrijheidsontneming heeft alleen een ander doel namelijk een prikkel geven om iets te doen en is niet bedoeld als sanctie.
In het familierecht wordt er gesproken over “lijfsdwang” in plaats van vrijheidsontneming. De lijfsdwang is een gijzeling in een huis van bewaring. Dit is een indirect executiemiddel om degene die zijn verplichtingen niet nakomt ondanks een uitspraak van de rechter te bewegen alsnog aan zijn verplichtingen te voldoen.
Lijfsdwang kan alleen worden opgelegd in situaties dat degene die zijn verplichtingen niet nakomt wel aan zijn verplichtingen kan voldoen maar dit niet wil.
Lijfsdwang is voor maximaal een jaar mogelijk. Deze lijfsdwang kan door een rechter worden opgelegd op verzoek bij een veroordeling tot iets anders dan het betalen van geld (omgangsregeling) en tot alimentatie.
Bij achterstallige alimentatie zijn de personen aan wie lijfsdwang wordt opgelegd meestal personen die in het buitenland verblijven, van werkgever wisselen dan wel een zwervend bestaan hebben. Alle executiemiddelen die mogelijk zijn, zoals beslaglegging moeten zijn geprobeerd.
Bij nakoming van omgangsregelingen dienen alle alternatieven te zijn geprobeerd zoals begeleide omgang, opschorting betaling kinderalimentatie, boetebeding, inzet politie, inzet strafrecht, benoeming bijzondere curator, treffen van kinderbeschermingsmaatregel zoals ondertoezichtstelling of uit huis plaatsing, wijziging van het gezag of hoofdverblijf van het kind en een dwangsom. Als dat allemaal niet helpt kan pas worden gedacht aan lijfsdwang.
Er is beroep mogelijk tegen de oplegging van lijfsdwang waarbij de rechter de belangen zal afwegen. Hierin speelt vaak het belang van het kind een grote rol aangezien het kind een van zijn ouders zal moeten missen bij de inzet van lijfsdwang. Soms is de dreiging van lijfsdwang in de vorm van een termijn waarbinnen de verplichting moet zijn voldaan al voldoende.
De deurwaarder zal de lijfsdwang uitvoeren met bijstand van politie. De schuldeiser dient de kosten van de lijfsdwang voor te schieten.
Als bijna alles is geprobeerd om nakoming van een verplichting voor elkaar te krijgen en niets werkt dan is het mogelijk om lijfsdwang te verzoeken aan een rechter in het familierecht. Lijfsdwang wordt terughoudend toegepast omdat het een ultimum remedium is maar kan in sommige gevallen effectief zijn zoals in het voorbeeld hierboven
Partneralimentatie
Partneralimentatie is een financiële bijdrage in het levensonderhoud van de ex-partner door de andere ex-partner. Als je gehuwd bent geweest of een geregistreerd partnerschap hebt gehad kan het zijn dat degene die geen inkomen dan wel minder inkomen heeft recht heeft op partneralimentatie van zijn ex partner. Dat je recht hebt op partneralimentatie betekent nog niet dat je daadwerkelijk partneralimentatie krijgt. Dit is afhankelijk van vele factoren.
Als eerste moet diegene die aanspraak wilt maken op partneralimentatie “behoefte” hebben aan een bijdrage in het levensonderhoud. De tendens in de rechtspraak maar ook de discussie in de politiek neigt er steeds meer naar dat verwacht wordt dat degene die aanspraak maakt op partneralimentatie voor zover mogelijk in zijn of haar eigen levensonderhoud probeert te voorzien. Dit heeft alles te maken met de veranderde maatschappij waarbij we vaak te maken hebben met tweeverdieners. Ooit is het recht op partneralimentatie in de wet terecht gekomen toen het rolpatroon was dat de man werkte en de vrouw zorgde voor het huishouden en de kinderen. Als partijen dan uit elkaar gingen stond de vrouw letterlijk met lege handen.
Als aangetoond is dat er behoefte is voor partneralimentatie dan zal er gekeken worden of degene die partneralimentatie moet betalen dit wel kan betalen en hoeveel. Dit is afhankelijk van de inkomsten en uitgave oftewel de draagkracht. Hier ligt een hele berekening aan ten grondslag.
In uitzonderlijke gevallen kan kwetsend en grievend gedrag van degene die partneralimentatie ontvangt naar degene die partneralimentatie betaalt leiden tot beëindiging dan wel matiging van betaling van partneralimentatie. De rechter oordeelt hier terughoudend in van geval tot geval.
Een zaak waarbij de vrouw 4 processenverbaal van aangiften inzake het wangedrag van de man, een opgelegd huisverbod, sms berichten, emailberichten en een grievende brief aan de werkgever van de vrouw door de man heeft overgelegd heeft de rechtbank toch geoordeeld om de partneralimentatie aan de man NIET stop te zetten. De rechter heeft hierbij rekening gehouden met het feit dat de gedragingen van de man in de periode van de scheiding hebben plaatsgevonden, de man tijdens het huwelijk ook al emotionele en psychische klachten had en de man arbeidsongeschikt was en is. Ondanks dat de gedragingen ongetwijfeld kwetsend zijn geweest voor de vrouw vindt de rechtbank het onvoldoende ernstig om de partneralimentatie stop te zetten. Met een scheiding gaan immers emoties gepaard waardoor niet ieder wangedrag of grievend gedrag leidt tot een zover strekkend gevolg van stopzetten van partneralimentatie zo oordeelt de rechtbank. Daarbij weegt mee dat deze stopzetting onherroepelijk zou zijn aangezien eenmaal beëindigde partneralimentatie niet meer opnieuw kan bestaan.
In de politiek wilt men graag de berekening van partneralimentatie versimpelen door met bepaalde standaard bedragen te rekenen.
Dit is naar mijn mening een ondoenlijke zaak aangezien elke zaak uniek is en maatwerk geboden is. De beoordeling en berekening van partneralimentatie vraagt deskundigheid van professionals.